WW-Traject: levels 1 en 2

Zoals uitgestippeld en aangekondigd in een eerdere blogpost, is hier het eerste deel van het WW-Traject. Voorlopig zijn er drie oefeningen beschikbaar:

Level 1: onvoltooid tegenwoordige tijd voor werkwoorden met stammen die niet eindigen op -d en bijhorende inversies.

0 stemmen, 0 gem
10

Je hebt 100 seconden voor 10 oefeningen…

Je tijd is helaas op. Probeer opnieuw, het gaat dan vast beter!


Aangemaakt op Door Johan B

WW-Traject: level 1

Oefeningen in de onvoltooid tegenwoordige tijd, zonder dt.

1 / 10

Ik kijk altijd uit voor hij aan het zebrapad voor je …

2 / 10

…. de trein over vijf minuten op spoor 3, zoals aangekondigd?

3 / 10

De poes … zachtjes op de schoot van de eigenaar.

4 / 10

Je wil niet weten wat ik over je …

5 / 10

Jij … altijd van gedachten over dit onderwerp!

6 / 10

De jury … over de winnaar van de prijs.

7 / 10

De docenten … over het nieuwe lesrooster.

8 / 10

Ik … nog altijd in Sinterklaas.

9 / 10

Zij … naar haar favoriete podcast.

10 / 10

Jij … toch altijd een pizza met extra kaas?

Je score is

De gemiddelde score is 87%

0%

Afsluiten

Level 2: enkel werkwoorden met stammen die eindigen op -d

0 stemmen, 0 gem
3

Je hebt 100 seconden voor 10 meerkeuzevragen. Succes!

De tijd is helaas afgelopen. Probeer opnieuw!


Aangemaakt op Door Johan B

WW-Traject: level 2

Onvoltooid Tegenwoordige Tijd met werkwoorden met -d in de stam + inversies.

1 / 10

Morgen … Hansje 14 jaar.

2 / 10

… jij dit een geweldig idee?

3 / 10

Voor gebruik … U de fles chocolademelk best.

4 / 10

Ik … de hond uit de sloot.

5 / 10

Vanavond … Hilde op in de schouwburg.

6 / 10

Wist je dat Ivan aan hooikoorts …

7 / 10

Ik … de vlieg met de vliegenmepper.

8 / 10

Het … hevig, maar het is niet diep.

9 / 10

Jij … altijd een heerlijke maaltijd.

10 / 10

In dit hotel, … ik echt in luxe.

Je score is

De gemiddelde score is 90%

0%

Level 1+2: een mix van de twee bovenstaande oefeningen:

0 stemmen, 0 gem
3

Je hebt 100 seconden voor 10 opgaven. Succes!

Je tijd is op. Probeer opniuew


Aangemaakt op Door Johan B

WWTraject: level 1+2

Onvoltooid Tegenwoordige Tijd: werkwoorden met gewone stam (50%), werkwoorden met -d stam (50%). Dans/danst/dansen; Word/wordt/worden.

1 / 10

Hij … ’s middags even uit op de bank.

2 / 10

Ik … mijn verjaardag met een groot feest.

3 / 10

Ik kijk altijd uit voor hij aan het zebrapad voor je …

4 / 10

… je moeder ook voor een lange reis naar Australië.

5 / 10

Erika en Jan … geld voor hun eerste huis.

6 / 10

Opa … de drukke winkelstraten.

7 / 10

Het … hevig, maar het is niet diep.

8 / 10

Chantal … zich altijd elegant.

9 / 10

Ik … de hond uit de sloot.

10 / 10

Waarom … jij altijd uit op het ijs?

Je score is

De gemiddelde score is 77%

Ben Ali Libi: Willem Wilminks gedicht en twee ‘co-teksten’

Deze leesoefening gaat uit van het gedicht ‘Ben Ali Libi’, een ingekorte versie van het wikipedia-artikel en een advertentie van de kunstenaar zelf. Je kunt de oefening zelf digitaal uitproberen, maar er is ook een papieren versie opgenomen in het pakket.

Lespakket: Willem Wilmink Ben Ali Libi
Lespakket: Willem Wilmink Ben Ali Libi
  • Takenbundel leerlingen met teksten (PDF)
  • Takenbundel oplossingen
  • 3 Teksten apart (PDF)
  • Takenblad zonder teksten (PDF)
Size: 4.2MB
Version: v 1.0
Published: 16 januari, 2026

Het gedicht van Wilmink is geniaal in dat het de kwestie bijna zo pijnlijk stelt als Het dagboek van Anne Frank dit doet: wat heeft een meisje van 14/een goochelaar misdaan om dit lot te verdienen? Beide verhalen dragen de verschrikking uit zonder zich in gruwelijkheden te verliezen. We weten hoe het afloopt: een daarom is de afloop het begin van het gedicht.

De derde tekst is de laatste vermelding in de Nederlandse kranten van de naam voor meer dan vijftig jaar.

Het Joodsche Weekblad, 5 juni 1942

Ik was hier niet naar op zoek: ik zocht gewoon een illustratie. Een conclusie dringt zich onmiddellijk op: de vrienden van de weduwe Rost waren niet nodig om Ben Ali Libi te arresteren. Midden 1942 staat hij nog mij naam en adres in de krant. Die krant is een uitgave van de Joodse Raad en dat is een door de Duitsers opgericht orgaan. En zelfs dat was niet het probleem: elke Jood was immers al lang geregistreerd en verplicht en ster te dragen. Dit had het begrijpelijke gevolg dat hoe dichter je bij de Joodse Raad stond, hoe groter de kans was dat je familie ontzien werd.

Alleen in dit strookje vinden we al drie personen met naam en adres die de bezetter zou kunnen gaan arresteren. Naast onze goochelaar is er nog Siegfrid Courant en J. Sloghem. De laatste werd uiteindelijk ook gearresteerd, maar overleefde de kampen. Met Courant liep het niet anders als met Ben Ali Libi:

De perversie van oorlog is niet het menselijk leed, dat is het drama van oorlog. Dat vrienden, buren, geloofsgenoten elkaar beginnen verraden, dat is de perversie van oorlog.

Kruispunt Waalstraat-Merwedeplein, Amsterdam, Google Maps

Het is opvallend hoe het verhaal terug dat van de familie Frank raakt als we de afstand tussen de twee gezinnen bekijken: letterlijk een boogscheut. Er zijn echter grote verschillen: de Franks waren ‘nieuwe Nederlanders,’ pas eind 30’er jaren in Amsterdam gearriveerd en niet zo sociaal ingebed als sommige andere Joodse Nederlanders in Amsterdam. Misschien was dat net de reden dat Otto Frank het zeker voor het onzekere koos?

Vaak is de genialiteit van de auteur -en dat geldt hier a fortiori voor Willem Wilmink- niet in het maken van de stof, het verhaal, maar het kiezen en ensceneren ervan. Zoals je hieronder hoort vertellen door Joost Prinsen, was de keuze van het onderwerp bij Willem heel snel gebeurd. Het maken van het idee tot een gedicht, een echte tekst, heeft soms veel langer nodig. Het idee was al klaar: “De nazi’s willen de hele wereld gaan domineren, maar dan moeten wel eerst even die goochelaar opruimen, anders lukt het niet.” Zo geformuleerd, raak het niemands koude kleren; het is de uitvoering (enscenering) van dit idee in concrete verzen, die het gedicht de kracht geven die iedereen ervaart.

De krant als papieren smartphone: tekstfuncties

Alles is nu anders, maar eigenlijk is het allemaal hetzelfde. Deze les is een oefening op tekstfuncties, met authentiek tekstmateriaal (1830-1960) uit kranten. Probeer de les zelf uit:

De krant als smartphone – interactieve les op Wayground

De krant als papieren smartphone
De krant als papieren smartphone
  • Werkbladen (17 pagina’s) in PDF
  • Bronnenbundel met de teksten en enige toelichting in PDF

Wat is er schandalig aan dating apps? Je grootvader zat niet constant op z’n smartphone, maar wel in z’n krant. Je grootmoeder heeft nooit Tinder gebruikt, maar werd misschien wel via de krant aan de haak geslagen door een flinke, gegoede boerenjongen.

Dit is mijn advies aan leerlingen: breng een krant mee naar school, je kunt er bijna alles mee:

  • News app: nieuws lezen: natuurlijk
  • Games: kruiswoordraadsels, sudoku’s en andere puzzels
  • Spotify: je ontdekt nieuwe muziek in de muziekrecensies
  • Tinder: je vindt een nieuw relatie via de contactadvertenties
  • Ebay: je kunt je oude spullen kwijt en zelf koopjes vinden
  • Netflix: ook is er elke dag fictie in feuilletonvorm
  • Weerapp: ook elke dag in de krant
  • Reclame: zoals vele van onze online-ervaringen is ook de krant doorspekt van reclame.

De sterkte van de les zit in de grote afstand tussen de oude teksten en de realiteit van de leerling. Best lees je als leerkracht de teksten voor (zeker die van 1836): dan begrijpen de leerlingen zelfs met een basiskennis de teksten. Het is gewoon Nederlands, een beetje oud misschien, maar iedereen met een basisvaardigheid in de taal kan ze begrijpen.

Dit andersoortig Nederlands heeft tot doel de taalflexibiliteit te vergroten, concreet: afleren af te haken met lezen als je niet alles begrijpt.

De les is te gebruiken als opstapje voor een schrijfopdracht over vergelijkend tekstverband. Het handboek blijft maar dieren vergelijken: dat doe je best altijd in een tabel, niet in een tekst. Een weerbericht in de krant versus een weer-app er zijn wellicht wel meer verschillen dan gelijkenissen. Je kunt nieuwe muziek ontdekken in de krant, maar het is geen ‘one-stop-shop’ zoals Spotify.

WW-Traject: efficiënte werkwoordentraining

Hier is ultieme werkwoordentest: tien items. Wie alles correct heeft, heeft niets meer bij te leren. Of er instinkers tussenzitten? Neen, het zijn allemaal instinkers.

0 stemmen, 0 gem
74

Je hebt 100 seconden voor 10 meerkeuzevragen.

De tijd is op! Helaas pindakaas…


Aangemaakt op Door Johan B

WW-traject: teaser

De 10 allermoeilijkste dt-opgaven

1 / 10

Als dat …, is het niet mijn schuld.

2 / 10

Naar … zijn er problemen op de E40.

3 / 10

… u tot de buschauffeur voor meer informatie.

4 / 10

Hij … een nieuwe auto kopen.

5 / 10

Zeg, Smulsmurf, heb jij misschien gisteren alle smurfbessen …

6 / 10

Heb jij wel eens, zo als bijverdienste, … ?

7 / 10

Het ongeval is op een zondagochtend om 5u in de dichte mist …

8 / 10

Ik, die zoveel van bloemen …, bedank jullie allemaal voor dit prachtige geschenk!

9 / 10

Gij allen, broeders, gaat heen en … het woord van Christus.

10 / 10

… je hond ook door die vervelende buurtkater lastiggevallen?

Je score is

De gemiddelde score is 69%

De gemeenste dt-quiz ooit — probeer ‘m nu!

LinkedIn Facebook
0%

Feedback is altijd welkom…

Bedankt om tijd uit te trekken voor feedback. Dit wordt zeker in rekening genomen.

De problemen met het bestaande werkwoordtraining zoals ik het vaak zie:

  1. Elke werkwoordstijd is een systeem op zich, dat apart begrepen en ingeoefend moet worden.
  2. De stam van een werkwoord is vaak, maar niet altijd gelijk aan de eerste persoon. De eindklank van de stam van zweven is een /v/ en daarom krijgt het een uitgang met d.
  3. De tijden gaan niet alleen over verleden, heden, toekomst maar ook over aspect: beschouwt de spreker het beschrevene als voltooid of is er een effect in het heden (onvoltooid)? ‘Ik heb gedanst’ is een tegenwoordige tijd! Het is wel een voltooide vorm (perfectum): nu heb ik een dansje achter de rug.
  4. ’t Kofschip: als leerlingen op het niveau zijn aanbeland dat er ook over morfologie en fonetiek wordt gesproken, mogen ze toch eindelijk wel eens weten waarom de letters in van ’t kofschip zijn wat ze zijn: stemloze medeklinkers.
  5. Modale werkwoorden: jij wil of jij wilt? hij wil of hij wilt? Hier wordt in het algemeen te weinig op geoefend.
  6. Consequente werkwoordsvormen met u, is vaak een probleem. Met u gebruiken we de tweede of de derde persoon, maar wel consequent. Dus niet: u heeft (3e p.) het formulier toch ontvangen en bent (2e p.) ermee naar het postkantoor gegaan.
  7. Werkwoordsvormen zijn, zoals alle talige elementen, onderhevig aan historische evolutie. Voor de werkwoorden hangt die voornamelijk samen met de evolutie van gij naar jij, die in Vlaanderen nooit (volledig) heeft plaatsgevonden. De voornaamste voorbeelden zijn: -t in de imperatief meervoud (neemt allen uw boek) en de -t in de tweede persoon onvoltooid verleden tijd van onregelmatige werkwoorden: Gij vondt talrijke bessen in Davids Stad (Jes 22:9) of Mijn bozen daân Gij naamt die gunstig weg (1773; Ps 32:3). In deze context is ook te wijzen op de recente evolutie van je kunt/zult naar je kan/zal en de voorkeur voor deze vormen bij de beleefdheidsvorm ‘u’.
  8. Elke oefening op werkwoordspelling test alleen het beheersen van de regels, niet de toepassing ervan tijdens een realistische schrijftaak.
  9. Wie niet schrijft, maakt geen fouten. Uiteindelijk zijn werkwoordsoefeningen goed om alle kennis correct te ordenen, maar geen garantie op vlekkeloos spellen. Dat weten echter enkel degenen die veel zelf (veel) schrijven – niet alle leerkrachten behoren tot deze groep. Het kan niet dat leerkrachten Nederlands geen boeken lezen, maar het kan wel dat ze nooit een tekst schrijven? Zeker de blinde voltooide deelwoorden: bekend/t, gebeurd/t enzoverder blijven waanzinnige instinkers, omdat hier het absolute paardenmiddel, luidop voorlezen, niet helpt.

Het enige dat nieuw en belangrijk is aan het traject zoals ik het voorstel, is de volgorde van de oefeningen. De methode, indien die naam waardig, zit louter in het apart aanbieden, begrijpen en inoefenen van de verschillende systemen.

INDICATIEFverledentegenwoordigtoekomstig
onvoltooidik dansteik dansik zal dansen
voltooidik had gedanstik heb gedanstik zal gedanst hebben

Stappenplan

  1. Indicatief – OTT – dans(t), dansen + alle inversies. Enkel transparante werkwoorden, m.a.w. geen -d op het einde van de stam. 
  2. Indicatief – OTT – word(t), worden + alle inversies. Enkel werkwoorden met -d op het einde van de stam. 
  3. Mixoefening van 1 en 2 met inversies. 
  4. Imperatief met transparante stammen
  5. Imperatief met -d stammen
  6. Mixoefening van de Imperatief 4 en 5
  7. Mixoefening van al het voorgaande
  8. Indicatief – OVT – danste(n), volgde(n)– met werkwoorden zonder -t of -d in de stam
  9. Indicatief – OVT – praatte(n), duidde(n) met werkwoorden met -t of -d in de stam
  10. Mixoefening van 8 en 9
  11. Mixoefening van al het voorgaande
  12. Indicatief – VTT gedanst, gevolgd
  13. Indicatief – VTT of OTT het gebeurt/is gebeurd onzichtbare voltooid deelwoorden
  14. Vervoeging van leenwerkwoorden
  15. Onbestaande voltooide deelwoorden
  16. Finale Supermix oefening

“Wegloopers Gezogt”: leesoefeningen met 18de eeuwse advertenties

Lespakket – 18e eeuwse advertenties
Lespakket – 18e eeuwse advertenties

Inhoud:

  • Handleiding met alle oefeningen, oplossingen, afbeeldingen, gebruikte prompts en extra achtergrond. (PDF)
  • Deel 1: Takenblad leerlingen meerkeuzevragen (PDF)
  • Deel 2: Landscape layout van de teksten (PDF)
  • Deel 3: A4 kleurenversie van de AI portretten (PDF)

Dit is een praktische oefening in het lezen van historische teksten aan de hand van eenvoudige advertenties de 18de eeuw. Wanneer onderwerp en context overduidelijk zijn, is het interpreteren van deze teksten helemaal niet zo complex, al zijn er duidelijke struikelblokken: spelling, grammatica en zinsbouw wijken duidelijk af van wat we gewend zijn.

Het uiteindelijke doel van deze les is abstract: het taalvermogen van de leerlingen rekken door het aanbieden van afwijkende teksten. Onderweg leren we samen aspecten van de 18de-eeuwse maatschappij kennen, oefenen we grammatica, leren we woorden en locaties opzoeken en zoveel meer. Persoonlijk, vind ik het ook een uitdaging om een zo oud mogelijk onderwerp zo modern mogelijk te behandelen. Zonder de digitale bronnen was deze les volstrekt onmogelijk.

De taak is opgesplitst in 2 delen:

  • Deel 1: een individuele taak met drie korte tekstjes en meerkeuzevragen. De taak vereist geen inleiding en toetst niet: ze introduceert de leerlingen d.m.v. de vragen aan een aantal geplogenheden van het 18de-eeuwse Nederlands.
  • Deel 2: de leerlingen werken in groepjes en proberen de persoonsbeschrijvingen aan de met A.I.-gegenereerde portretten te linken. Deze oefening kan ingekort worden: er zijn 7 personen en 3 hondjes.

Deel 1: individuele meerkeuzevragen

Deel 2: de krantenberichtjes over weglopers

de met AI gegenereerde beelden